Skip to content

bitterlemon.eu

Sections
Personal tools
You are here: Home » e-magazine » commentaren 2008 » Commentaar 28 september 2008 * Vrijheid van onderwijs

Commentaar 28 september 2008 * Vrijheid van onderwijs

SCHOOLSTRIJD

Commentaar

CDA-jongeren spannen zich in voor de vrijheid van onderwijs in Nederland. Hoe nobel dit ook mag klinken, in Nederland wordt zoiets natuurlijk negatief geformuleerd als je het op confessionele basis doet. Elsevier.nl kopte: “Jongeren CDA: Wel homoleraren weigeren op scholen”, waarbij menig lezer ongetwijfeld de jongerenclub van het CDA meteen zij-aan-zij schaarde met Berberse potenrammers. Ondertussen zijn het deze confessionele jongeren die werkelijk vrijheid beschermen; in tegenstelling tot zelfverklaarde liberalen. Het is niet voor de eerste keer.

Harry van der Molen en Geert Meijering, respectievelijk voorzitter en vicevoorzitter van het CDJA, schrijven in een stuk in het Nederlands Dagblad van 25 september: “Als er een politieke stroming is die onlosmakelijk verbonden is met de vrijheid van onderwijs dan is dat de christendemocratie wel. Artikel 23 is misschien wel hét kroonjuweel uit de geschiedenis van de christendemocratie. Laat het CDA in de Tweede Kamer hier dan ook pal voor staan en Plasterk in niet mis te verstane woorden tot de orde roepen”. Met hun pleidooi nemen de CDA-jongeren het op voor gereformeerde scholen die door minister Plasterk onder vuur worden genomen vanwege hun weigering om homoseksuelen in dienst te nemen.

Ik vraag me altijd af welke homoseksueel toch op een gereformeerde school wil werken? Hoe kun je gelukkig zijn op je werk wanneer de heersende cultuur daar zo haaks staat op die van jezelf? Hetzelfde lijkt me gelden voor een christelijke onderwijzer op een islamitische school, maar gek genoeg hoor je daar nooit wat over. Zou men op een islamitische school overigens wel homoseksuelen aannemen? Vanwaar toch dat verschil? Progressieven - zoals de door het CDJA gewraakte Plasterk - nemen wél altijd met graagte het op voor de homoseksuelen maar laten in vaak exact dezelfde context het bij andere sociale groepen afweten. De homoseksueel is het troetelkindje van hen die “overal voor open staan”; daarmee ogenblikkelijk eenieder die er anders over denkt af te schrijven als provinciaalse boerenlul. Uitzondering daarop vormen natuurlijk exotische minderheden uit islamitische contreien om wie het in veel gevallen van agressiviteit richting homo’s daadwerkelijk te doen is. Parlementariër Bosma (PVV) wees op treffende wijze op deze discrepantie toen hij naar aanleiding over geweld bij een homobetoging in Rusland stelde: “Wat in Moskou gebeurt, is natuurlijk weerzinwekkend, maar D66 zwijgt graag over het lot van homoseksuelen in Nederland. Dat begrijp ik wel, want het niveau van het lot van homoseksuelen in Nederland holt achteruit dankzij de multiculturele samenleving waarvan D66 zo’n warm voorstander is”. Uiteindelijk werd Bosma door de voorzitter van de Tweede Kamer afgekapt, het verband wat hij legde tussen de grootschalige instroom van niet-westerse immigranten en geweld jegens homoseksuelen ging haar te ver; en dat terwijl je toch nooit hoort dat gereformeerde jongeren een homo de gracht in hebben gemept. Gek genoeg kan juist wel die laatste groep zich op de volle aandacht van minister Plasterk verheugen.

Plasterk zelf is sowieso een curieus verschijnsel. Hij lijkt zich in toenemende mate op de werpen als redder der homoseksuelen - overigens wel op geheel inconsequente wijze zoals hierboven geschetst. Hij nam eerder ook al deel aan de bootjesoptocht van homoseksuelen in de Amsterdamse grachten, de Gay Pride. De meest extravagante uiting van homoseksualiteit gebruikt onze minister om aandacht te vragen voor de afnemende tolerantie voor homoseksualiteit. Op welke manier die hele Gay Pride überhaupt bijdraagt aan de homo-emancipatie is mij overigens een groot raadsel. Een homoseksuele hoogleraar, advocaat of chirurg zullen niet op eenzelfde wijze door Plasterk worden benaderd en waarschijnlijk zullen die zeer succesvolle leden van onze samenleving er niet op zitten te wachten om op basis van hun geaardheid misbruikt te worden door een minister van onderwijs en cultuur. Terwijl het toch juist wél die homoseksuelen zijn die mijn inziens bijdragen aan de acceptatie van homoseksualiteit doordat zij een waardevolle bijdrage aan de samenleving leveren. Nee, dan liever kiest Plasterk voor de Gay Pride; een circus van vreemde snuiters die net zo min homoseksuelen vertegenwoordigen als dat ik mij als hetero-man vertegenwoordigd voel door een optocht van bierdrinkende, luidruchtige voetbalfans op een tractor.

Dat uitgerekend de jongerenorganisatie van het CDA haar moederpartij moet oproepen de minister van onderwijs en cultuur een halt toe te roepen baart evenveel zorgen als dat de actie hoopvol is. Zorgwekkend is het dat in haar machtshonger de CDA als partij onder Balkenende haar principes inruilt voor macht en daarmee Plasterk zijn gang laat gaan. Hoopvol is dat de jongere generatie CDA’ers wel inziet dat het vrijheid van onderwijs de moeite van het bewaren waard is en niet in de waan van de progressieve tijdsgeest aan banden dient te worden gelegd.

De oorsprong van onze vrijheid van onderwijs - met gelijke financiële ondersteuning voor bijzonder onderwijs, een uniek Nederlands fenomeen - ligt in de bekende schoolstrijd van de negentiende en begin twintigste eeuw. Tijdens de Franse tijd werd onderwijs een staatszaak, daarvoor had de Hervormde Kerk zich altijd ontfermt over het Nederlandse onderwijs. Hoewel scholen op christelijke grondslag niet principieel werden verboden moest er wel om toestemming worden gevraagd aan de overheid. Als die al werd gegeven, hoefden deze scholen al helemaal niet op financiële ondersteuning te rekenen. De kerk legde het, net als in Frankrijk zelf, af tegen de dwingelandij van aanhangers van de Verlichting.

De Franse philosophes hadden voor al voor de Franse Revolutie aangenomen dat het volk alleen ‘verlicht’ kon raken met behulp van verlichte despoten. Het volk was volgens de philosophes simpelweg te behoudzuchtig, bevooroordeeld en bijgelovig om zelf het pad van rede en verlichting in te slaan. Markies de Condorcet, een van de philosophes, zag in openbare scholen onder staatsgezag de oplossing. Rede, redelijkheid, tolerantie, pluriformiteit en vrijheid - evenals vele andere zogenaamde waarden van de Verlichting - zou de mensheid uiteindelijk wel bereiken maar moesten tot die tijd nog even wijken voor het hogere doel. Deze radicale dwingelandij - het liberale heropvoedprogramma - staat niet als zondanig in ons geheugen gegrift omdat het uiteindelijk zoveel goeds zou hebben gebracht. Voor zover we er de paradox nog van inzien, zien we deze als een noodzakelijke stap om de donkere Middeleeuwen achter ons te laten en als mensheid ons te ontworstelen van de ‘wurggreep’ van georganiseerde religie. Dat een denker als Condorcet zelf gevormd was door het onderwijs van de jezuïeten en zijn verlichte denken dus uiteindelijk een product was van die ‘wurggreep’ komt al bij vrijwel niemand meer op.

De openbare scholen, waar kinderen werden gevormd in “maatschappelijke en christelijke deugden”, moeten in de lijn van Condorcet’s visies worden gezien. Hoewel deze openbare scholen zeker niet vrij waren van religie voerde anti-revolutionair Groen van Prinsterer een strijd voor religieuzer onderwijs. Eerst was hij voor christelijk-protestants openbaar onderwijs, later voor verschillende soorten openbare scholen (katholiek, protestants en joods) en uiteindelijk voor financiële gelijke behandeling van bijzonder onderwijs naast openbaar onderwijs. Abraham Kuyper zette deze strijd voort. In Thorbecke’s grondwet van 1848 werd de vrijheid van onderwijs voor het eerst opgenomen, in 1917 volgde ook de financiële gelijkstelling van bijzonder onderwijs aan openbaar onderwijs.

Hoewel wellicht helemaal niet zo bedoeld, kan de schoolstrijd van de anti-revolutionairen Prinsterer en Kuyper worden opgevat als een strijd voor pluriformiteit en vrijheid. In plaats van liberaal-progressieve uniformiteit onder staatsgezag zorgde de uiteindelijk overwinning van de anti-revolutionairen ervoor dat een essentieel onderdeel van de opvoeding van kinderen ook door ouders en gemeenschappen zelf kon worden ingevuld en katholieken konden emanciperen ten opzichte van protestantse dominantie. Deze vrijheid is vandaag de dag nog steeds vastgelegd in artikel 23 van onze grondwet en het is dat grondrecht welke Plasterk ondergraaft, hoogdravend als hij tekeer gaat met zijn op homo-emancipatie gestoelde beleid.

Ikzelf ben niet gelovig en niet godsdienstig opgevoed maar kreeg in mijn jeugd wel onderwijs op een rooms-katholieke basisschool. Zoveel stelde dat volgens mij niet voor; er werd aan het begin en aan het einde van de dag gebeden en verder konden we zo nu en dan op bijbelverhalen rekenen. Een Groen van Prinsterer die streed voor religieuzer onderwijs zou zich waarschijnlijk hebben geërgerd aan het feit dat zulk onderwijs iets meer dan honderd jaar na zijn dood de stempel christelijk kreeg. Maar ik kan mij zeer goed voorstellen dat er vele gelovige ouders zijn die hun kinderen niet naar dergelijk verwaterd christelijk onderwijs willen sturen. En hoewel ik die afkeer niet deel, kan dat betekenen dat zij een praktiserend homoseksueel voor de klas niet zo zien zitten. Dat recht hebben zij. Als vrijheidslievend mens zeg ik daarbij: gelukkig maar ook. Vrijheid betekent immers niet anderen dwingen er dezelfde opvattingen op na te houden als jijzelf.

De jonge CDA’ers Van der Molen en Meijering staan dus in een traditie, en niet de minste ook. Volgens de voorzitter van de Jonge Socialisten, Sven Stevenson, plaatsen de jonge christendemocraten met hun pleidooi artikel 23 van de grondwet boven alle andere grondrechten, aldus zijn repliek in het Nederlands Dagblad van 27 september. Dat is niet waar. De jonge CDA’ers plaatsen vrijheid voor de gedwongen verlichting van liberalen en socialisten. Daarvoor verdienen zij hulde.

Opmerking

Het persoonlijke weblog van Ronald Vliegen is: RonaldVliegen.nl.

Created by administrator
Last modified 2008-12-24 11:41 AM
Upcoming Events
bitterlemon studiekring Groningen
Groningen, nabij station,
2009-01-06
bitterlemon studiekring Leiden
Leiden, nabij station,
2009-01-12
« January 2009 »
Su Mo Tu We Th Fr Sa
        1 2 3
4 5 6 7 8 9 10
11 12 13 14 15 16 17
18 19 20 21 22 23 24
25 26 27 28 29 30 31
2009-01-06
19:00-21:00 bitterlemon studiekring Groningen
2009-01-12
19:00-22:00 bitterlemon studiekring Leiden